Wanneer moet je olie verversen bij een motorfiets?
Bij de meeste motoren ververs je motorolie elke 6.000 tot 12.000 kilometer, of minstens één keer per jaar. Als je veel rijdt, sportief rijdt of een oudere motor hebt, is vaker verversen slim (elke 3.000 tot 5.000 kilometer). Houd je een winterstop? Ververs de olie dan liefst daarvoor. Lees waarom olie verversen belangrijk is en hoe je dit zelf doet.
Waarom olie verversen belangrijk is
Motorolie houdt je motor in goede staat. De olie:
- Smeert de bewegende onderdelen
- Koelt de motor
- Houdt de motor schoon
- Beschermt tegen roest en aantasting (corrosie)
Tip: check in het onderhoudsboekje van je motor hoe vaak je de olie moet verversen en welke olie je precies nodig hebt.
Lees ook: Winterstop motor
Je olie zelf verversen: stappenplan
- 1
Leg alles klaar
Je hebt nodig:
- Steeksleutels, schroevendraaiers en een doppenset
- Momentsleutel
- Opvangbak of lage emmer
- Juiste hoeveelheid nieuwe motorolie
- Nieuw oliefilter
- Nieuwe koperen ring voor je olieplug
- 2
Rijd de motor warm
Rijd een rondje van ongeveer 5 km. Warme olie loopt makkelijker weg.
- 3
Zet de motor rechtop neer
Gebruik een middenbok of paddockstand op een vlakke ondergrond.
- 4
Tap de oude olie af
Draai de vuldop los. Plaats de opvangbak onder de oliepan en draai de aftapplug voorzichtig los.
Let op: de olie kan heet zijn.
- 5
Vervang het oliefilter
Haal het oude filter weg met een oliefiltersleutel. Smeer een beetje verse olie op de rubberen ring van het nieuwe filter en draai het filter met de hand vast (niet te strak).
- 6
Plaats de aftapplug terug
Maak de omgeving schoon. Plaats een nieuwe dichtingsring en draai de plug vast (liefst met een momentsleutel).
- 7
Vul met nieuwe olie
Vul de motor via de vulopening met de juiste hoeveelheid verse olie. Gebruik een trechter om morsen te voorkomen. Draai de vuldop vast.
De juiste hoeveelheid olie staat in je onderhoudsboekje. Heb je deze niet? Dan kun je het oliepeil ook via het peilglas controleren (als je motor dit heeft).
- 8
Controleer het oliepeil
Start de motor en laat die een paar minuten op zijn plek draaien. Zet de motor uit en wacht even. Controleer daarna het oliepeil met de peilstok of via het peilglas. Vul bij als dat nodig is.
- 9
Rond af
Check op lekkage bij de plug en het filter. Lever de oude olie en het filter in bij een inzamelpunt.
- 10
Noteer het onderhoud in je onderhoudsboekje
Schrijf de datum en kilometerstand op in het onderhoudsboekje van je motor. Dan weet je precies wanneer de volgende oliewissel nodig is.